Andal - the city of Broi

Andal - the city of Broi

City quarters in Broi

Denden                  Nederlands                      English

Chrenla'Purgat          Heilig Dal                      Holyvale
Voy tan Barusha         Hemel-op-de-Berg                Heaven-on-the-Mountain
Kayan tan Purgatdir     Trappen naar de Heiligheid      Holystairs
Burush'Nevus            Westberg                        Westhill
Nenyra                  Zuidwijk                        Southway
Aldanbarux              Tempelberg                      Temple Hill
Para'fintal             Nieuwe Haven                    New Port
Para'Ghewaz             Ghewaz Haven                    Ghewaz Port
Para'Vokah              Oude Haven                      Old Port
Kulindir (Kluindir)     De Straatjes                    The Alleys
Tan Nestir              Bij de Muren                    At the Walls

Heaven on the Mountain

Dit is een aangename, redelijk recent (een jaar of honderd geleden) gebouwde wijk. Kayan is gebouwd op een steile helling; er zijn ongeveer evenveel trappen als straten en stegen. De meeste huizen zijn ruim en er zijn maar weinig sloppen. Verder kent deze wijk een paar grote tempels, een gebouw van de Stadswacht, een brandwacht en een hospitaal.

Een ander kenmerk van deze wijk is dat een aanzienlijk deel van de grond gebruikt wordt als moestuin of als boomgaard. Vooral het bovenste deel van de tempelberg is begroeid met sinaasappel, citroen, limoen, mandarijn en grapefruit-bomen. Zelfs een enkele verdwaalde banaan. Het plaatselijke klimaat is uitstekend, het is een van de koelste en prettigste plekken van de stad.

Er zijn tal van winkels, markten, kroegen, herbergen, handelshuizen en bordelen. Rond het plein onderaan de Kayandir (de trappen) staan kraampjes in een lange galerij. Hier worden frisse dranken, fruit, kant-en-klare lunnch-pakketjes, lectuur en schrijfbenodigdheden verkocht voor de ambtenaren van het Keizerlijk paleis.

Er zijn ook een paar grote huizen van adelijke families, bijvoorbeeld van de nouveau noblesse familie Lua Bajanbarush (van de Vulkaan). Kleinere villa's, zoals van Frank's karakter (die we voorlopig Denyal mogen noemen, ik stel voor Denyal Yalushir Yalush) liggen aan de grote straten en pleinen van deze wijk. Het zal wel wat lijken op het Kaulon tan Keluxir, dat we in de Broi Special zagen. Pariyal woont in een appartement op de bovenste verdieping van een vier verdiepingen grote, gunstig geleden villa. Ze heeft de beschikking over vier of vijf sober maar stijlvol ingerichte kamers, een dakterras met schaduw van een wingerd. Personeel en badkamer deelt Pariyal met de drie andere huurders. Er is daar ook een gemeenschappelijke tuin en eetzaal achter de villa. Ze zou zich meer kunnen veroorloven, maar leeft nu in aangenaam comfort, met een persoonlijke bediende.

Aan een pleintje terzijde van de Lemoi Harulon (tempelweg), tussen jullie huizen in, staat het bordeel van Marxao Galar Yalstai, Alamas Andain. Dat is de plek waar jullie de meeste avonden samenkomen, met nog wat kennisen, en andere vaste gasten die jullie inmiddels wel kennen als vrienden.

De wijk waar Murxao woont heet Hemel-op-de-Berg (Voy tan Barusha), of ook wel Trappen-naar-de-Hemel, of Trappen-tot-de-Heiligen, Kayan tan Purgatdir. De laatste twee namen zijn het meest in gebruik bij Keizerlijke ambtenaren en bij priesters die in de tempels op de berg dienen. De eerste naam wordt door de gewone mensen in de wijk gebruikt. Voor hen is deze wijk een hemel, zeker vergeleken met andere wijken in Broi, zoals het Heilige Dal.

De beschrijving die Pariyal heeft gekregen klopt, maar voor iemand als Marxao zijn andere dingen belangrijk. In de Tuin-bij-de-Muur (Marun tan Nedu, de tuin grenst aan de oude stadsmuur), heeft zij een stukje grond gepacht bij een oude veteraan, een zekere Zigardan Pande, ofwel Sergeant Pande. Het is een aardig stukje, waar misschien twintig bomen op groeien, en een paar veldjes met struiken. De pacht kost 1800 koperstukken per jaar, de opbrengst is 18000 koperstukken per jaar. (In zilver: 9 guhaha pacht, 90 guhaha opbrengst).

Murxao woont in een kamer in eenhuis aan een klein marktpleintje, bij de buurtempel, tegenover het hospitaal. Het huis heeft vier verdiepingen. De benedenverdieping wordt bewoond door een bakker, die daar ook zijn bakkerij heeft. De drie andere verdiepingen zijn ieder verdeeld in vier kamers. Murxao woont op de bovenste verdieping, en heeft dan ook een stukje dakterras. Het is een net huis, waar gewone mensen wonen. Het is tamelijk stevig gebouwd, iedereen houdt het schoon. Er is een fonteintje op het marktplein en rioolput in het steegje. Als je de bakkerij uitkomt en rechtuit loopt, en de trap neemt linksaf, dan kom je bij de Muurtuin. De markt over, langs de buurttempel en dan de grote weg de berg op, en je bent bij het Trappenplein (Kayandirzir), waar ze een vast plekje heeft onder de arcade. Dat kost haar niets, het is haar gewoonterecht. Niemand van de mensen die daar staan betaalt iets, en als iemand probeert om tussen te kruipen waar iemand al staat, dan zullen ze dat met z'n allen tegenhouden.


Back to the contents

Optimized for Lynx.

Copyright 1998 Boudewijn Rempt.